Van onze AS-redactie
Tjalle Bomers (28) geeft weer leiding aan de defensie van VDZ. De 28-jarige verdediger maakte na heel lang blessureleed zijn rentree tegen Driel, op 14 februari. Zondag wacht in 4F de topper bij VVO.
Dat was even geleden dat je op het veld stond.
Tjalle Bomers: ”Ik had bijna tweeënhalf jaar niet meer gespeeld. In mijn laatste seizoen bij Rheden, 2008-2009, scheurde ik de kruisband in mijn rechter knie. Ben ik er bijna een jaar uit geweest. Ik ben na dat seizoen naar VDZ vertrokken. Bij een nieuwe club wil je dan ‘volle bak gaan’, maar toen ging mijn achillespees opspelen. Ik heb eigenlijk alleen maar op de bank gezeten. De eerste keer dat ik weer een beetje meedeed, kreeg ik tegen SC Oranje een schop en scheurde ik weer mijn kruisband.”
Je hebt tegen Driel je rentree gemaakt. Hoe voelde dat?
“Fantastisch. Zeker als je voor de tweede keer bent teruggekomen na een lange blessure. De eerste keer wil nog wel. Toen had Ron Olyslager (trainer Rheden, red.) voor mij een heel herstelprogramma in elkaar gezet. Maar als je dan nog een keer tegen zo’n blessure oploopt, heb je wel iets van: ‘zie ik dit nog zitten?’ Ik heb een drukke baan en vorig jaar augustus hebben we ook een zoontje gekregen. Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. In oktober heb ik de knop al omgezet en ben fanatiek gaan trainen.”
Wat voeg jij nu toe aan het eerste elftal van VDZ?
“Het is lastig om over jezelf die dingen te zeggen. Maar het is de bedoeling dat ik leiding geef aan de defensie en de ‘mannetjes’ neerzet. Ik ben als voetballer niet de snelste, maar ik heb wel een behoorlijke traptechniek. Die dingen zouden mijn toegevoegde waarde moeten zijn. Maar ik bekijk het per wedstrijd. Afgelopen zondag tegen HAVO was mijn eerste wedstrijd op gras in tweeënhalf jaar. Ik heb daarna een paar dagen wat moeilijk gelopen.”
Jij hebt bij IJsselmeervogels, De Bataven, Babberich en Rheden gespeeld. Hoe moeilijk is het om je dan nog te motiveren voor de vierde klasse?
“Voor mij geen probleem. Ik heb ook van mijn elfde tot mijn negentiende bij De Graafschap gespeeld, daarna bij hoofdklassers. Maar vanuit blessures val je terug, je zit met werk en je krijgt een kind. Dan is het keer op. VDZ is een bewuste keuze.”
Blijft VDZ meedoen in de strijd om de titel in 4F?
“Houden we de groep compleet, dus zonder veel blessures en schorsingen, dan zijn we tot iets in staat. Maar ONA’53, Eldenia en VVO zijn ook goede ploegen. Geen enkele wedstrijd in 4F is trouwens gemakkelijk. Neem HAVO, wij zijn de enige ploeg die daar heeft gewonnen. Vorig seizoen ontbrak het bij ons aan vechtlust, dat is nu anders. Maar je kunt praten wat je wilt. Als je zondag van VVO verliest, haak je in ieder geval voorlopig weer af.”
Daar komt bij dat jullie geen toppers winnen. VDZ is de kampioen tegen de kleintjes.
“Daar moeten we in de tweede seizoenshelft verandering in brengen. Zondag ligt de druk bij VVO. Die ploeg heeft al eerder aangetoond dat het daar niet altijd goed mee om kan gaan. En ONA’53 is gewoon een hele goede ploeg. Die heeft op mij de meeste indruk gemaakt. Maar na de winterstop is soms alles anders. Dan zie je ineens andere spelers in een ploeg staan. De strijd is naar mijn idee helemaal open.”