van onze AS-redactie
Edwin Vos speelde zaterdag zijn laatste wedstrijd in het eerste handbalteam van UDI 1896. Het einde van een tijdperk. De handballer, tevens clubvoorzitter, speelde ruim 20 jaar in de hoofdmacht. AS sprak met de 41-jarige UDI-man in hart en nieren.
Een moeilijk afscheid?
Edwin Vos: "Toch wel. Nu had ik voor mezelf al besloten ermee te stoppen en ik had trainer Fred Wieland al op de hoogte gebracht. Het blijft wel een apart gevoel. Maar ik ben natuurlijk niet echt weg. Ik zie de jongens nog veel, ik ga in het tweede spelen en als de nood aan de man komt, ben ik voor het eerste beschikbaar."
Waarom stop je?
"Dat heeft met de combinatie voorzitter-speler te maken. Je hebt wel twee vergaderingen per week en ook twee trainingen per week., dat werd me iets te veel. Drie avonden per week voor het handbal vind ik voldoende. Ik wil iets meer tijd voor andere dingen, zoals mijn gezin."
Wel een afscheid met degradatie.
"Daar hadden we natuurlijk geen rekening mee gehouden. Het is jammer. Als de selectie compleet was gebleven, dan was dit ook niet gebeurd. Maar het brengt ons niet af van de weg die we hebben uitgestippeld. We blijven bouwen."
Twintig jaar in het eerste. Wat staat je het meest bij?
"Twee keer kampioen en promotie naar de Regioklasse waren hoogtepunten. Maar het echte hoogtepunt vind ik het feit dat UDI altijd zo'n hechte groep is gebleven."
Kun je je debuut nog herinneren?
"Ik was15 jaar toen ik voor het eerst bij de selectie zat, tegen Batouwe. Ik was toen nog keeper. Ik stond plotseling naast grote namen als Hans Jagtenberg en Peter Hartemink. Als jeugdspeler keek ik enorm tegen hen op. UDI speelde toen bovenin de eerste divisie, en later ook nog tweede divisie. Het handbal was me met de paplepel ingegoten. Mijn vader en moeder, mijn oom, bijna iedereen in de famile handbalde wel."
UDI 1896 lijkt volop in beweging te zijn.
"Het leeft en bruist. We zijn bijvoorbeeld bezig met de viering van het 115-jarig bestaan. Er gaat veel gebeuren. BIJ UDI is de sfeer heel belangrijk , maar daarnaast hebben we wel degelijk ambities om te presteren, we vinden het niveau heel belangrijk. Hechtheid, sfeer en keihard trainen is een combinatie die veel spelers aanspreekt. Het is geen toeval dat straks een aantal echte versterkingen naar UDI komen. Waarbij we de jeugd niet vergeten. Want je moét jeugd hebben, anders heb je straks geen eerste meer."