Van onze AS-redactie
Kirsten Rolfes is dit seizoen aanvoerder en topscorer van AAC 1899. De Arnhemse handbalploeg presteert wisselvallig in de regioklasse B, maar Rolfes ziet vooruitgang. De AS-redactie sprak met de 22-jarige handbalster.
Je bent een onmisbare schakel geworden. Aanvoerder en topscorer met 19 competitiedoelpunten.
Kirsten Rolfes: “Ik ben topscorer, omdat ik de strafworpen neem. Dat zijn er heel wat, het aantal velddoelpunten ligt een stuk lager. Onmisbaar zou ik mezelf ook niet willen noemen, ik zou wel gemist worden. Maar met een opbouwrij met Eva de Munnik, Hayke van Valburg, mijn zus Roan en ik zelf wisselen we elkaar ook af.”
Moet jij na het vertrek van al die routiniers als aanvoerder de kar trekken?
“Binnen het team is er niet veel veranderd. Het oude tweede team is nu het eerste. Alleen Marlies Bouwman, Eva de Munnik en ik zijn er nieuw bij. Ik handbal al vanaf mijn achtste bij AAC 1899, maar ik heb tijdens het vorige seizoen een jaar in Glasgow gezeten voor mijn studie. Ons team was in feite al een ingespeeld geheel. De kar trekken is dus een groot woord. Ik probeer wel het voortouw te nemen, maar dat doen Dieuwertje Gerritsen, Eva en Roan ook. Het is de kwaliteit van het team dat vanuit elke positie wordt gescoord.”
Is de vrijwillige terugkeer van de eredivisie naar de regioklasse een goede zet geweest?
“Als je kijkt naar ons team, is het een verstandige keuze geweest. Je ziet wat voor invloed nederlagen nu al hebben. In de eredivsie waren we met deze ploeg elke week afgeschoten. Dat was niet leuk geweest.”
Hoe verklaar je jullie wisselvalligheid?
“Dat heeft met concentratie en met zelfvertrouwen te maken. We zijn vooral in uitwedstrijden wisselvallig. Vaak wordt vooraf al gezegd: ‘We zullen het wel lastig krijgen’. Thuis ligt de situatie anders. Dan is alles bekend, de zaal, de bal. Dat geeft meer vertrouwen.”
Jullie trainer, Niels Bouwman, neemt geen blad voor de mond. Pas uitte hij nog openlijk kritiek. Hij miste de zelfreflectie bij jullie. Wat vind je daarvan?
“Lastig, maar je moet het relativeren. In de emotie hebben we ook wat tegen hem gezegd, maar je moet alles ook niet te letterlijk nemen. Ik ben zelf geen voorstander om het allemaal via de media te spelen. Het is niet leuk als je dat terug leest. Maar je moet er wel mee om leren gaan. Persoonlijk trek ik me het niet aan, maar voor een jeugdspeler is het denk ik moeilijk. Daarom ben ik er op tegen en het moet ook niet elke week gebeuren.””
Is AAC 1899 jouw eindstation?
“Dat weet ik niet. Ik hoop over anderhalf jaar klaar te zijn met mijn studie fiscaal recht. Misschien moet ik dan wel richting randstad. Maar ik heb er ook wel wat voor over om bij AAC te blijven. Ik wil alles eruit halen wat er in zit en zou graag in de hoofdklasse spelen. Het liefst met AAC.”
Maar jullie staan nu niet op een plek die uitzicht biedt op promotie.
“Nee, maar er zit veel vooruitgang in ons spel. Individueel worden we beter. Leoniek Heskes bijvoorbeeld, die gaat met sprongen vooruit. Trouwens, elk team heeft wel eens een dip. Bij ons moet dat nu over zijn. Ik was één van de weinigen die zei dat we kampioen zouden worden. Dan ga je ook anders een wedstrijd in. Kampioen worden zal nu niet meer lukken. We worden dit jaar derde. En volgend seizoen kampioen. Daar ben ik van overtuigd.”