Erwin Ligt: ‘Presteren met plezier’

2 september 2011 | Van onze AS-redactie

Erwin Ligt vierde als speler van korfbalclub Oost-Arnhem/Hotel Warnsborn in het midden van de jaren negentig grote successen. Nu staat de 43-jarige Zutphenaar als trainer-coach voor de ploeg. Keren de tijden van weleer terug? De AS-redactie sprak met de nieuwe trainer van Oost-Arnhem.

Je bent op 13 augustus begonnen. Hoe zijn de eerste weken bevallen?
Erwin Ligt: “Heel goed. Ik heb een prettige groep om mee te werken. Heel jong nog, maar ook leergierig. Yke Bijlsma, Edwin Bouwman en Peter Hage zijn er niet meer bij en daar zijn jonge spelers voor in de plaats gekomen. Het is dus een wat onervaren groep, maar in de voorbereiding hebben we gelijkgespeeld tegen Allen Weerbaar, de ploeg van Erik Wolsink, en tegen Rust Roest. Dat zijn prima resultaten. Allen tegen Sparta Zwolle, afgelopen woensdag, ging het minder en verloren we met 16-12.”

Is dat reden tot bezorgdheid, want zaterdag begint voor jullie de competitie?
“Nee, want we hebben het na rust goed opgepakt. De eerste helft was een drama en kwamen we met 9-4 achter. Dat had met gretigheid te maken. Dan willen we zó graag, dat we de opdrachten vergeten en ook geen geduld hebben. Dat is dan weer de ervaring. Voeren we de opdrachten uit en hebben we geduld, dan komt het allemaal goed.”

Oost-Arnhem was in jouw tijd als speler de nationale top. Hoe staat het er nu voor?
“Kijk je naar de kwaliteiten van toen en nu, dan scheelt dat wel wat. Wij waren toen ook al ervaren. Die ervaring moet deze ploeg nog krijgen. Ook het korfbal is nu anders. Er is tactisch zo veel veranderd. Wij werkten keihard, zetten ‘het’ snel neer, bal naar binnen en gooien. Nu wordt er getraind op veel meer mogelijkheden. Alles valt of staat ook met de rebound.”

Zijn er mogelijkheden Oost-Arnhem op termijn terug te brengen op het hoogste niveau?
“Dat is moeilijk te zeggen, maar daar ben ik ook nog niet mee bezig. Ik kijk eerst naar dit seizoen. De spelers moeten stappen vooruit maken en ik ben er ook van overtuigd dat het gaat gebeuren. De groep wil dat ook en ik ga ze daarbij helpen.”

Wat ga je veranderen?
“Er moet meer discipline zijn. Ook in het spel. En je moet met plezier spelen en van daaruit gaan presteren. Plezier is de basis. Daarnaast mis ik bij enkele spelers ook zelfvertrouwen. Dat kan te maken hebben met het feit dat bij Oost-Arnhem in korte tijd veel verschillende trainers voor de groep hebben gestaan. Als je van de één dit moet en van de ander dat, is dat niet bevorderlijk voor het spel en het vertrouwen. Ik zet ook iedereen op 1 lijn. Als het kleinste radertje niet draait, draait de grote ook niet meer. Alle spelers zijn belangrijk.”

Wat is de doelstelling voor dit seizoen?
“Op het veld zijn Antilopen en DOS Kampen voor mij de titelfavorieten. Ik denk dat er op papier 2 wat mindere ploeg in de overgangsklasse zitten. De rest doet niet veel voor elkaar onder, dus gaan wij een plek bij de eerste vijf. Maar dan moet je een constanter niveau halen. Dus niet hoge pieken en diepe dalen. Die dalen moeten er dan uit. En wat betreft de zaalcompetitie zullen we het lastiger krijgen. Verder wil ik dat spelers allrounder worden. Vorig seizoen hebben ze in een bepaalde functie gespeeld. Ik vind dat je alles moet kunnen, dat verhoogt ook het plezier.”